KBN wil overleg met ministerie over brandstofproblemen
Koninklijke Binnenvaart Nederland heeft het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat gewezen op de recente brandstof gerelateerde problemen en de mogelijke samenhang met de invoering ven REDIII.
Er kwamen de afgelopen tijd meerdere meldingen binnen van verstopte brandstoffilters, kort na het bunkeren. De voortstuwing viel daardoor (deels) stil en filters moesten ongepland vervangen worden. Schepen konden hun vaart niet vasthouden of konden niet meer manoeuvreren, waardoor risicovolle situaties ontstonden. Uit genomen monsters is geen directe relatie te herkennen met de invoering van REDIII, maar KBN snapt dat er vragen over rijzen. KBN heeft naar aanleiding van de meldingen een aantal brandstofmonsters uit de vervuilde filters laten onderzoeken. Uit de eerste analyses blijkt dat één monster geen FAME bevatte en het andere monster slechts een beperkte hoeveelheid (ruim onder de toegestane norm). Op basis van deze beperkte set resultaten kan op dit moment geen directe relatie worden gelegd met de invoering van REDIII. Een terugkerend punt in de meldingen is de onduidelijkheid over wat er precies wordt gebunkerd. Ondernemers weten vaak niet: wat het exacte bijmengpercentage is, welke biocomponent is toegepast en wat de technische specificaties van de componenten en van de blend zijn. Dat maakt het lastig om onderhoud, filterbeheer en bedrijfsvoering hierop af te stemmen. KBN heeft het ministerie verteld dat er nog geen sprake is van de toegezegde geborgde kwaliteit en de harde garanties met betrekking tot de kwaliteit van de brandstof en heeft aangedrongen op overleg. KBN dringt aan op concrete kwaliteitsafspraken én op meer transparantie over de samenstelling van brandstoffen, bijvoorbeeld via een brandstoflabel. Ondernemers moeten kunnen weten wat zij bunkeren, zodat zij hun onderhoud en bedrijfsvoering daarop kunnen afstemmen. KBN roept ondernemers op om zich te melden als zij met problemen te maken krijgen.