Afbeelding
Foto: Cora Unk

Pamflet: samen blijven bouwen aan betrouwbare Nederlandse energievoorziening


Vertegenwoordigers van de offshore-sector spreken hun waardering uit voor de opstelling van de regering in het op gang houden van de aanleg van voldoende windenergie op zee. Ze vragen daarbij om duidelijkheid over het resterende schema van tenders voor nieuwe windparken én om maatregelen die de zekerheid voor ontwikkelaars borgen.

De Routekaart Wind op Zee 21 GW is een belangrijke leidraad op weg naar een CO2-vrije toekomst en energieonafhankelijkheid met de opwek van voldoende offshore windenergie. Vertraging van de elektrificatie van de industrie, de daarmee gepaard gaande groei van de vraag en gestegen kosten in de toeleveringsketen vormen echter een aanzienlijk probleem voor de offshore windsector, zo stellen branchevertegenwoordigers in een recent uitgebracht pamflet. Steeds meer windontwikkelaars geven aan onder de huidige marktomstandigheden en tendervoorwaarden geen mogelijkheid te zien om een bieding in te dienen. In Nederland zou dit problemen veroorzaken voor zowel windontwikkelaars als maak- en installatiebedrijven, en leiden tot aanzienlijke vertraging in de bijdrage van offshore wind aan de energietransitie. 

De recente resultaten van een tender in Denemarken benadrukken de huidige uitdagingen: er kwamen geen biedingen binnen. De aangekondigde verbeteringsmaatregelen voor de tender van Nederwiek I-A (1 GW) zijn gezien de verslechterde marktomstandigheden gewenst, maar onvoldoende om de Routekaart Windenergie op Zee een robuuste doorstart te geven, stellen de ondertekenaars. Zij vragen onder meer om Contracts for Differences (CfD’s) – die bieden meer zekerheid omdat je ermee kunt inspelen op veranderde marktomstandigheden – voor offshore windenergie om een stabiele uitrol van wind op zee voor ontwikkelaars en toeleveringsketen te borgen. 

Nog een aanbeveling: sterkere stimulering van decarbonisatie door elektrificatie van de industrie en compensatie van nettarieven, en daarmee het duurzaam versterken van de Europese en Nederlandse industrie met oog voor de mondiale concurrentiepositie.

‘Om de continuïteit voor de komende tenders te waarborgen, bevelen we eook aan om parallel een tijdelijk overgangsinstrument onder het SDE-besluit voor te bereiden, vergelijkbaar met die voor wind- en zonne-energie op land. Dit zou moeten dienen als de terugvaloptie voor het geval dat één of meerdere van de aankomende tenders mislukken en zolang het gebruik van CfD nog niet mogelijk is. De uitrol van offshore windenergie mag niet stilvallen, zodat we klaar zijn voor het moment dat de elektrificatie daadwerkelijk op gang komt’, zo schetsen de opstellers het belang van actie.